Voor huurders met een laag inkomen Indicatie
Wohngeld in Duitsland 2026 berekenen
Wohngeld is een bijdrage in de huur. De hoogte hangt af van het aantal huisgenoten, de huur tot het maximum van je huurniveau en het inkomen na aftrekposten.
Uitkomst
| Post | Tarief | Bedrag |
|---|
Toelichting
Het jaarinkomen is het brutoloon min beroepskosten (minstens het forfait van € 1.230), min elk 10% voor belasting en premies, min vrijstellingen. M is de huur tot het maximum plus klimaatcomponent, plus de verwarmingscomponent; voor M en Y gelden minimumwaarden (bijlage 3). Kinderbijslag telt niet als inkomen. De bedragen gelden sinds 1-1-2025.
Let op: indicatie, geen juridisch of fiscaal advies
Deze berekening volgt de algemene wettelijke regels en de waarden die voor 2026 zijn gepubliceerd. Het is geen juridisch, fiscaal of salarisadvies. Cao’s, arbeidscontracten en ondernemingsafspraken kunnen gunstigere regels hebben.
Bronnen en gebruikte waarden
| Onderdeel | Waarde | Bron |
|---|---|---|
| Formule | 1,15 × (M − (a + b·M + c·Y) · Y) | Wohngeldgesetz, § 19 (Höhe des Wohngeldes) (in het Duits) |
| Maximale huren | bijlage 1, per huurniveau I–VII | Wohngeldgesetz, Anlage 1 (Höchstbeträge) (in het Duits) |
| Verwarmings- en klimaatcomponent | 1 persoon: € 110,40 / € 19,20 | Wohngeldgesetz, § 12 (Höchstbeträge, Heizkosten- und Klimakomponente) (in het Duits) |
| Forfaitaire aftrek | elk 10% voor belasting, zorg en pensioen | Wohngeldgesetz, § 16 (pauschale Abzüge) (in het Duits) |
| Huurniveaus van gemeenten | Wohngeldverordnung, bijlage | Wohngeldverordnung, Anlage (Mietstufen der Gemeinden) (in het Duits) |
| Andere bron | Wohngeldgesetz, Anlage 3 (Rechenschritte und Mindestwerte) (in het Duits) | |
| Andere bron | Wohngeldgesetz, § 17 (Freibeträge) (in het Duits) | |
| Andere bron | BMWSB – Wohngeld (in het Duits) | |
Bronnen gecontroleerd op 15 oktober 2026.